Bredere belangenbehartiging

Zoals ik al aangegeven heb, vind ik dat de belangenbehartiging breder gedragen en meer vertegenwoordiging moet hebben. Ook moet de afstand tot de leden/melkveehouders korter. Nu is er discussie over functioneren van Zuivelnl. Hieronder zal ik een opzetje doen hoe het zou kunnen. Niet dat niet zo moet, maar wil wel een discussie aanzwengelen. Het is een kopie van een mail. Na veel tumult over Zuivelnl 2.0 ben ik met wat andere melkveehouders aan de praat geraakt. Is er nu geen alternatief? Wat is de huidige kritiek. Het plan heeft te weinig democratie in zich, lost niets op tov de AVV en de representatiegraad en vermenging van belangen en branche organisatie. Dus het moet anders waar iedereen zich in kan vinden en belangrijker, de melkveehouders moeten er meer betrokken bij worden. Stel nieuwe opzet. Zuivelnl, 1 organisatie voor sectorale belangenbehartiging. Verder kan ieder zijn eigen identiteit behouden. 10 zetels en 1 onafhankelijke voorzitter. Verdeling zetels naar leden. 4 zetels LTO 2 zetels NMV 2 zetels DDB 1 zetel Netwerk grondig (mits ze veranderen van stichting naar vereniging) 1 zetel VBBM 10 zetels - 10 stemmen. Elk besluit moet twee/derde meerderheid hebben . Geen twee/derde meerderheid dan snelle digitale ledenraadpleging middels bijv. unieke mail. Dan doorslag af laten hangen van meerderheid ledenraadpleging. En zware dossiers van de overheid niet meer overnemen als sector. Het besluit bij politiek/overheid laten (zoals bij keuze fosfaatrechten). Zo wordt er voldaan aan de 55 % eis van representatiegraad. Dan zijn er nog een paar groepen niet vertegenwoordigd. De biologische melkveehouders en de niet georganiseerden. Voor het democratische proces zou het goed zijn hun ook op een of andere manier te vertegenwoordigen. Dit is een stukje uit een mail waar ik met een paar andere mensen overlegd heb over hoe beter. Graag een reactie, maar niet eerder dan dat je er goed over nagedacht heb. Waarom het lijkt simpel maar er wel degelijk nagedacht over afspiegeling/ democratie/ledenbetrokkenheid en voortvarendheid.

Laat de overheid verantwoordelijkheid nemen!

Dit is nog een reactie op het topic: Herbeschikking voor melkveehouderijen die onterecht fosfaatrechten hebben gekregen: https://www.prikkebord.nl/topic/162480/ In dit topic wordt gesproken over mogelijke maatregelen die de overheid zou kunnen nemen om toch onder het plafond te komen mocht dit overschreden worden. Nog een extra kortingsronde, extra fosfaatklasse, onterecht uitgegeven rechten terug vorderen.. maar dit is toch geen van allen acceptabel?! Aangezien het de overheid is die blunders maakt, is het ook de overheid die het mag oplossen. Mij lijkt de meest logische oplossing dat de overheid zelf rechten gaat opkopen totdat we weer onder het plafond zitten en voldoende ruimte hebben voor knelgevallen. Het is toch de wereld op zijn kop dat we bestolen en tegen elkaar uitgespeeld worden?! Ik ben er klaar mee dat de overheid overal mee weg komt en dat wij dit nog accepteren ook!

Meer melkveebedrijven te koop maar minder verkocht

Minder melkveebedrijven verkocht In het 1ste halfjaar van 2018 zijn er 30 melkveebedrijven verkocht; 14 minder dan in diezelfde periode een jaar eerder. De gemiddelde transactieprijs van een melkveebedrijf lag in de 1ste helft van dit jaar op 3,4 miljoen euro, ruimschoots boven het gemiddelde in 2017 van 2, 2 miljoen euro. De verkooptijd van een verkocht melkveebedrijf bedroeg in de 1ste helft van 2018 gemiddeld 5,5 maanden, ruim drie maanden korter dan over geheel 2017. A&LV-makelaars van de NVM geven aan dat er maar matig interesse is in het kopen van een compleet melkveebedrijf. “Deels is dit het gevolg van de grondgebondenheid, die maakt dat een bedrijf slechts onder beperkte voorwaarden mag groeien en deels door de invoering van het fosfaatrechtenstelsel”, aldus Klijsen. “Omdat met name de rechten erg duur zijn, is de financiering vaak lastig. Daarbij zijn banken begrijpelijkerwijs terughoudend met het financieren, waardoor er een vertragende werking optreedt of transacties uiteindelijk helemaal niet doorgaan.” Begin 2018 werden er veel bedrijven in delen verkocht of na verkoop gesplitst in plaats van dat het als compleet bedrijf wordt voortgezet. Eind juni 2018 stonden er in totaal 100 melkveebedrijven in aanbod, slechts enkele meer dan het aantal medio 2017. “Verkopers waren vooral veehouders die hun bedrijf wilden staken en geen opvolger hebben.”

herbeschikking voor melkveehouderijen die onterecht fosfaatrechten hebben gekregen

Vleesveehouders hebben alleen fosfaatrechten nodig voor het jongvee dat bestemd is om zoogkoe (of melkkoe) te worden. Veel bedrijven hebben hiervoor een beschikking fosfaatrechten ontvangen. Onduidelijkheid Begin dit jaar was er veel onduidelijkheid over de definitie van o.a. ‘overig vleesvee’ waarvoor fosfaatrechten nodig zijn. Pas in juli 2018 is hierover duidelijkheid gekomen. Heeft u fosfaatrechten toegekend gekregen voor dieren waarvoor dat, achteraf, onterecht was? Dan kunt u een herbeschikking krijgen. Sommige bedrijven hebben deze inmiddels ontvangen van RVO. Minder dieren Als gevolg van de herbeschikking kunt u minder rundvee houden waarvoor u fosfaatrechten nodig heeft. U kunt echter wel het aantal en soort runderen blijven houden dat u op 2 juli 2015 had. Voor een deel van deze dieren heeft u nu geen fosfaatrechten meer nodig. Fosfaatrechten overgedragen? Heeft u een melding voor een overdracht van fosfaatrechten ingediend? In de meeste gevallen heeft RVO deze melding niet in behandeling genomen. Na een herbeschikking kan RVO deze meldingen wel afwerken. Maar als u met de herbeschikking onvoldoende fosfaatrechten krijgt toegekend, dan zal de overdracht helemaal niet doorgaan. Dat kan grote (financiële) gevolgen hebben voor de afspraken die u met de koper heeft gemaakt. Bron: https://www.abab.nl/artikelen/fosfaatrechten-vleesveehouders?utm_source=twitter&utm_medium=Content&utm_campaign=Fosfaatrechten%20vleesveehouders

Prijsstijging fosfaatrechten zet na dip door

De agrarische sector in Nederland is volop in beweging. Zo daalde het saldo in de melkveehouderij in de 1ste helft van 2018 ten opzichte van 2017. Op 1 januari is het fosfaatrechtenstelsel ingevoerd. “Dit heeft zijn weerslag op individuele melkveebedrijven en zorgt ervoor dat transacties soms moeilijker tot stand komen”, zegt voorzitter van NVM Agrarisch & Landelijk Vastgoed (A&LV), Ard Klijsen. “Desondanks zijn er in de eerste helft van 2018 30 melkveebedrijven verkocht, voornamelijk grotere en tegen een hogere prijs.” De gemiddelde grondprijs lag in diezelfde periode iets hoger dan over heel 2017, maar was wel lager dan de prijs in het 2de halfjaar van 2017. Het totaal areaal verkochte landbouwgrond nam toe. In de 1ste helft van dit jaar daalde het aantal transacties van landelijke woningen door een beperkt aanbod. De prijzen van woningen in het buitengebied blijven gemiddeld genomen wel stijgen. Woonboerderijen laten een vergelijkbare trend zien met een iets sterkere daling van het aantal transacties en hogere prijsniveaus. Dit zijn de belangrijkste conclusies uit het NVM Agrarisch & Landelijk Vastgoedbericht over de 1ste helft van 2018, dat met NVM-deelneming brainbay, het Kadaster en Wageningen Economic Research is samengesteld. In de melkveesector heerst enige spanning, constateert Klijsen. “Veel melkveehouders worstelen nog steeds met het fosfaatrechtenstelsel dat op 1 januari 2018 is ingegaan. De knelgevallenregeling biedt een deel van hen soelaas, maar melkveehouders die buiten deze regeling vallen, worden door de minister van LNV niet tegemoetgekomen. Het gaat dan om bedrijven die voor de peildatum nog hebben geïnvesteerd in stallen terwijl ze toen nog niet het aantal koeien hadden waarvoor ze de investering gedaan hadden. Melkveehouders in deze categorie kunnen hierdoor in financieel zwaar weer verkeren.” Daarnaast heeft FrieslandCampina onlangs aangekondigd te kiezen voor een gereguleerde groei van de melkaanvoer. “Hierdoor mag een melkveehouder die uitbreidt niet zomaar meer melk leveren”, zegt de NVM A&LV-voorzitter. “Dit zorgt voor onrust in de sector doordat melkveebedrijven kiezen om over te stappen naar andere melkafnemers. Het heeft bovendien een remmende werking op de verkoop van complete melkveebedrijven.” Het is volgens Klijsen gelukkig zeker niet één en al misère in de sector. “Er wordt nog aardig wat geld verdiend. De melkprijzen krabbelen weer op en er worden nog steeds bedrijven verkocht.” Prijzen fosfaatrechten in de lift De prijzen van fosfaatrechten zijn fors gestegen sinds begin 2018. In januari werd er gemiddeld genomen iets minder dan 200 euro per kilo fosfaat betaald. De prijs zakte vervolgens gestaag tot onder de 180 euro per kilo fosfaat medio maart. Na een opgaande lijn zagen we eind april een dip die samenviel met de aankondiging van FrieslandCampina om de melkaanvoer te reguleren. Na april is het prijsverloop aanhoudend positief met een gemiddelde prijs van 220 euro eind juli. Klijsen: “De voornaamste reden van het hoge prijsniveau is dat er nog altijd veel vraag van melkveehouders is die op zoek zijn naar rechten en grond om zo hun melkveestapel in stand te kunnen houden. Sinds de zomer is de prijs aardig doorgestegen en de verwachting is dat de prijsstijging de komende maanden doorzet vanwege hoge vraag.”

Zuivelnl 2.0

Ik heb het gisteren hier al in een ander topic vermeld, maar morgen is het dan zover. En omdat LTO Hans Huiberts op de agenda vooruit loopt, doe ik het dan ook maar, ondanks dat ik geen onderdeel ben van de vergadering. Hans melde vandaag aan diverse bestuurders dat Zuivelnl 2.0 een feit is, wat er morgen ook besloten wordt. Nu is de belangenbehartiging op het moment een zootje, maar om een dictatoriale organisatie op te zetten, waar democratie ver te zoeken is, is niet een stap te ver, maar een cruciale fout. LTO vertegenwoordigd niet voldoende leden meer om nog te mogen onderhandelen voor de landbouw. Verder heeft Hans de afgelopen jaren gaten in de balans geschoten met zijn VION, CeHaVe en Rendac. En daar mogen jullie nu allemaal voor bloeden. Middels een heffing mogen jullie bijdrage in het gat van Hans. En natuurlijk zal het met een positief verhaal naar buiten worden gebracht. De landbouw heeft zo iets nodig enz enz. Maar een zieke organisatie is niet beter te maken met geld maar met vertrouwen. En dat is verder weg dan ooit. En sorry voor al die mensen die ik nu op hun ziel trap, maar wat hier gebeurd gaat en kan niet.

NMV betreurt gang van zaken in trage afhandeling op de knelgevallenvoorziening

Enkele weken geleden heeft NMV een aantal verzoeken aan de minister gedaan. Vervolgens kwam er later een reactie van Schouten, dat zij weinig openingen ziet. Volgens NMV zijn die er wél, en is een mogelijke afwijzing door de EU CIE geen reden om niet te proberen iets voor melkveehouders te bewerkstelligen. NMV stuurde daarom de brief die aan de minister gezonden is ook naar haar leden, om inzicht te geven in NMV standpunten: [b]Originele beschrijving[/b] Minister Schouten geeft afgelopen week in een Kamerbrief te kennen dat zij geen mogelijkheden ziet om een percentage van het bedrijfsfosfaatplafond vrij te stellen van afroming wanneer deze voor lease worden aangeboden. Ze geeft daarbij aan dat dergelijke voorstellen eerst opnieuw moeten worden voorgelegd aan de Europese Commissie en opnieuw tegen het licht moet worden gehouden rond de staatssteuntoets. De uitkomst daarvan is onzeker. NMV is van mening dat, gezien het feit dat dit dus wel een mogelijkheid biedt, de minister geen bezwaren kan hebben om hiermee terug te gaan naar de Europese Commissie. Daar zullen wij ook voor blijven pleiten. Ook betreurt NMV de gang van zaken in de trage afhandeling van alle bezwaren en beroepen op de knelgevallenvoorziening. Daarom heeft NMV aangegeven dat enige coulance op zijn plaats zou zijn. NMV heeft twee weken geleden deze brief namens u aan de minister gestuurd, hierin leggen wij verschillende verzoeken neer inzake het fosfaatrechtenstelsel. Hooggeachte mevrouw Schouten, NMV is een belangenorganisatie voor en door melkveehouders. Onder onze leden merken wij dat het voorkomen van overschrijding van het bedrijfsfosfaatplafond in veel gevallen lastig is, doordat meerdere onvoorspelbare factoren hierop van invloed zijn. Maar overschrijden van fosfaatrechten heeft wel grote gevolgen voor de melkveehouders: Er ontstaat een economisch delict. De melkveehouder wordt met verschillende sancties en boetes geconfronteerd. (Hier moet nog jurisprudentie over gevormd worden.) De melkveehouder krijgt automatisch een strafblad. Dit heeft ook gevolgen voor een VOG, het verkrijgen van visa en het krijgen en behouden van een vergunning (BIBOB). Dat gaat wat NMV betreft onnodig ver. Naast een bestuurlijke boete kan alsnog vervolging via het strafrecht mogelijk zijn en bedraagt de strafrechtelijke boete 4.150 euro. Bij het niet voldoen aan relevante wet- en regelgeving inzake de Meststoffenwet kan de derogatievergunning over 2018 en 2019, ingetrokken worden. Het is nu nog onduidelijk of overschrijding van het bedrijfsfosfaatplafond hier onder valt. Derogatie-intrekking is een kostbare zaak met afzonderlijke boetes. NMV is geen voorstander van het geven van een vrijbrief om productierechten te overschrijden. Dit neemt niet weg dat er dringend behoefte is om een overschrijding van geringe omvang op te kunnen lossen. Het fosfaatrechtenstelsel werkt allereerst met de forfaitaire productiecijfers per dier. Deze zijn gekoppeld aan de kalfdata en de melkproductie gebaseerd op jaargemiddelde op basis van de dagtelling. Volgens tabel 6 bij de Meststoffenwet zijn er meer dan 20 verschillende melkproductieklassen. Het gaat over de totale melkproductie gedeeld door het gemiddeld aantal melkkoeien op jaarbasis. Voor bedrijven die niet in de allerhoogste klasse vallen zijn de uitkomsten die gebruikt worden om de totale fosfaatproductie in de hand te houden niet te bezien. Want weersomstandigheden (weidegang en nutriënten in het gewonnen ruwvoer) zorgen voor een wisselende melkproductie. Wanneer de gemiddelde melkproductie wijzigt naar een andere klasse kan dit een verschil van 0,6 tot 1,5 kg ‘geproduceerd’ fosfaat per dier opleveren. Een klasse hoger of lager kan zo leiden tot een verschil van in totaal 150 kg fosfaat op een gemiddelde veestapel van 100 koeien. Dat doet geen recht aan de feitelijke situatie en maakt het voor de veehouder moeilijk om op voorhand correct te anticiperen op zijn bedrijfsfosfaatplafond. Er kan een hefboomeffect optreden bij het afvoeren van minder productieve koeien, waardoor de gemiddelde melkproductie toeneemt. Het gevolg is dat afvoer per saldo weinig of geen effect heeft. Dat is wat NMV betreft onwenselijk en vereist wat ons betreft een correctie. De overgang van jongvee ouder dan 1 jaar naar een melkkoe is vooraf niet te bezien omdat dieren niet vruchtbaar blijken te zijn en/of kunnen verwerpen. Zeker wanneer er sprake is van natuurlijke dekking met een fokstier zijn de verwachte kalfdata veel minder concreet. Dierenartsen geven aan dat er een grote afwijking mogelijk is bij het vaststellen van de zwangerschapsduur als er niet met KI is bevrucht. Naarmate het kalenderjaar vordert hebben wijzigingen in takovergangen van rundvee uiteraard minder grote gevolgen. Bij een naderende overschrijding van het bedrijfsfosfaatplafond kunnen en worden er vaak koeien verkocht. Als dit aan het einde van het kalenderjaar pas in zicht komt, moeten er steeds meer koeien weg om het jaargemiddelde te beïnvloeden. Eén koe in januari afvoeren betekent 12 koeien afvoeren in december. Het houdt in dat er buitenproportioneel veel koeien afgevoerd zouden moeten worden, die in januari wellicht weer nodig zijn om een financieel stabiel bedrijf te continueren. De vergelijking met het in de hand houden van andere dierrechten gaat niet op, omdat men daar alleen staarten hoeft te tellen en bijvoorbeeld de aanwas, ongeacht het aantal biggen bij de productie van de moederdieren gerekend wordt. Het vangnet ten tijde van het melkquotumtijdperk was de mogelijkheid tot lease en koop. Een overschrijding leidde niet tot overtreding van de meststoffenwet maar werd door superheffing belast. Het verkopen of verleasen van rechten is bij een kleine onvoorziene fosfaat onder- of overschrijding geen goed instrument omdat volgens het huidige recht telkens 10 procent wordt afgeroomd. Bovendien weet een melkveehouder pas heel laat in december of begin januari wat het daadwerkelijke verschil is. Daarom is het voor de (geringe) overschrijdende bedrijven maar de vraag of er op dat moment nog voldoende fosfaatrechten op de markt worden aangeboden en zij op die manier kunnen corrigeren. NMV staat daarom achter de op 4 juli 2018 aangenomen motie met nummer 33037-295 van Lodders en Geurts. ‘constaterende dat het voor melkveebedrijven lastig is om exact in te schatten hoeveel fosfaatrechten zij nodig hebben; overwegende dat flexibiliteit bij overdracht van een kleine hoeveelheid fosfaatrechten voor één kalenderjaar wenselijk is; verzoekt de regering, te onderzoeken of maximaal 10% van de in bezit zijnde fosfaatrechten verhuurd of gehuurd kunnen worden zonder dat deze afgeroomd worden, met als doel tijdelijke veranderende omstandigheden te kunnen opvangen’ Deze motie biedt één van de oplossingen om kleine overschrijdingen te voorkomen door fosfaatrechten te leasen zonder dat hier direct rechten voor worden afgeroomd. NMV pleit er dan ook voor dit op te nemen in de regeling. Meer flexibiliteit noodzakelijk NMV is van mening dat er nog meer flexibiliteit noodzakelijk is. Pas eind december of begin januari wordt echt duidelijk of er een over- of onderschrijding is. Dit zou ondanks een eerdere te laag ingeschatte herstelactie (lease of koop fosfaatrechten) van de feitelijke situatie nog steeds tot een strafbaar feit kunnen leiden. Uit jurisprudentie over dierrechten is het bekend dat er soms geen rechten beschikbaar zijn op de markt. Uiteraard adviseren wij onze leden zich aan hun referentie te houden. Echter voor het lopende jaar is dit voor veel melkveehouders vrijwel onmogelijk. Zeker gezien de vele bezwaarschriften en beroepschriften op de knelgevallenregeling die nog niet zijn afgehandeld. Daarbij hebben wij correspondentie tussen leden en de Rijksdienst Voor Ondernemingen ontvangen waarin zij stellen dat kalveren, die afvloeien naar de vleesveehouderij, niet meetellen voor het bedrijfsproductieplafond. Hierop hebben wij meermaals contact gezocht met RVO voor een eenduidig antwoord op deze vraag. Gebleken is dat de voorlichtingsdienst zelf inconsistent is in de beantwoording van deze vraag. Dit is te betreuren daar zij de deskundigen zijn die de boeren te woord staan over vragen die boeren zelf niet overzien. Voor zover ons bekend tellen kalveren die afvloeien naar de mesterij namelijk wel mee, omdat zij worden aangemeld op code 101 met als gebruiksdoel de melkveehouderij. Het gebruiksdoel wordt pas gewijzigd wanneer de kalveren het melkveebedrijf verlaten, veelal na zo’n twee weken. Dit pleit er wat ons betreft voor om een extra diercategorie toe te voegen, voor kalveren die geboren worden op een melkveehouderij, maar waarvan bekend is dat het gebruiksdoel ten behoeve van de vleesveehouderij zal zijn. Voor al deze omstandigheden tezamen zijn oplossingen noodzakelijk om een geringe overschrijding van het geproduceerde fosfaat te kunnen herstellen. Concreet heeft NMV enkele voorstellen en vraagt u deze op te nemen in het stelsel van fosfaatrechten: Handel in fosfaat mogelijk tot en met 31 januari voor het voorgaande kalenderjaar. Dan is duidelijk welke bedrijven nog ruimte in hun bedrijfsplafond hebben en kunnen zij hierop acteren. Een percentage van de rechten afromingsvrij bestempelen voor lease. (Zie motie 33037-295) Introductie van een rekening courant systeem waarbij melkveehouders de mogelijkheid krijgen een geringe over- of onderschrijding te kunnen verrekenen met het navolgende kalenderjaar. Het toevoegen van een extra diercategorie voor kalveren waarvan bij de geboorte kan worden vastgesteld dat het gebruiksdoel niet dient voor de melkveehouderij. (Deze kalveren zullen worden overgezet naar code 112, 115, 116, 117 of 122.) De maatregelen om melkveehouders ruimte te bieden om op hun bedrijfsplafond te kunnen acteren is voor NMV erg belangrijk. Hoewel RVO aangeeft dat bij iedere overschrijding door de rechter rekening gehouden wordt met de omstandigheden, is NMV van mening dat tijdens dit eerste fosfaatboekjaar voorkomen moet worden dat melkveehouders die nog geen uitsluitsel hebben op hun bezwaar of beroep op de knelgevallenregeling zich moeten verantwoorden voor de rechter. Het fosfaatreductieplan, de introductie van het stelsel van fosfaatrechten, hebben diep ingegrepen op het gezinsleven van deze bedrijven. Het hele jaar hebben zij in onzekerheid geleefd over het al dan niet toekennen van extra fosfaatruimte aan hun bedrijf. Zij wisten dus niet waar zij op konden anticiperen. In meerdere gevallen gaat dit zelfs om het voortbestaan van het bedrijf. Wanneer deze mogelijke onbedoelde overschrijders zich vervolgens moeten verantwoorden voor de rechter, zijn wij de mening toegedaan dat dit het gevolg is van onbehoorlijk bestuur. Met name een gebrek aan het voldoen aan het zorgvuldigheidsbeginsel. NMV vindt dat de gevolgen daarvan niet in mogen grijpen op het gezinsleven van deze ondernemers. Wanneer zij zich voor de rechter moeten verantwoorden brengt dit onnodige extra stress met zich mee. Wij hopen dan ook dat u en uw ministerie actief mee zullen denken over oplossingen en onze voorstellen hierin meenemen. Namens de Nederlandse Melkveehouders Vakbond, Harm Wiegersma (voorzitter).

Top Zuivel voor maximaal 2 cent meer

FC wil voor de volgend jaar te introduceren Top-Zuivellijn eerst 1 cent per kilo extra betalen en in het tweede jaar maximaal 2 cent. Het is minder dan eerst genoemd en minder dan de concurrenten betalen. FC suggereert dat het zelf meer geld ontvangt met de verkoop van Top-Zuivel. In de brief staat: ‘Daarnaast worden extra opbrengsten ingezet op coöperatieve initiatieven. De winst van de bijzondere melkstromen komt via de prestatietoeslag ten goede aan het collectief.’ Dit bevestigt een woordvoerder: ‘een deel van de meeropbrengst van de Top-Zuivellijn komt ten goede aan alle leden, via financiering van duurzaamheidsprojecten en initiatieven, maar ook via de prestatietoeslag’. https://www.boerderij.nl/Rundveehouderij/Nieuws/2018/9/Top-Zuivel-voor-maximaal-2-cent-meer-334752E/

EXTRA GROEIRUIMTE VOOR RFC-BOER MET SPECIALE MELKSTROOM

Alle ledenmelkveehouders van Royal FrieslandCampina (RFC) wiens melk in een speciale melkstroom gaat, mogen hopen op extra groeiruimte voor hun melkveebedrijf. Speciale melkstromen worden los getrokken van de bulk en krijgen in de nieuwste RFC-plannen aparte groeimogelijkheden. Het betekent dat de groeiruimte voor boeren met VLOG-melk, Noord-Hollandse melk en de Topzuivellijn hoger kan uitpakken dan voor boeren die reguliere melk leveren. • Tekst: Jelle Feenstra De jaarlijkse groeiruimte voor een melkveebedrijf vaststellen op basis van de marktgroei per speciale melkstroom is een nieuw en venijnig element in het toch al veelbesproken plan van RFC om de melkaanvoer vanaf 2019 te gaan reguleren. Wie de pech heeft niet in de buurt van een VLOG-melkfabriek, een topzuivellijnlocatie of in Noord-Holland te boeren krijgt mogelijk minder ruimte om te groeien dan boeren die met hun bedrijf wel op een van deze locaties zitten. Ervan uitgaande dat de jaarlijkse marktgroei in deze melkstromen ook daadwerkelijk hoger ligt dan in de basiszuivelproducten. RFC komt volgende week officieel naar buiten met de exacte invulling van het plan Melk met Meerwaarde. De insteek wordt om extra ruimte in de markt eerst in te laten vullen door extra leden in te laten stromen in de regeling. Stel dus dat er VLOG-melk wordt gecollecteerd in een bepaalde regio en de vraag neemt toe, dan wordt eerst de regio groter gemaakt. Hetzelfde geldt voor melk in de Topzuivellijn. Bij Noord-Hollandse melk gaat RFC eerst proberen opstallers aan het weiden te krijgen. Pas als dat niet lukt, komt het uitdelen van extra groeiruimte aan reeds leverende veehouders in beeld. Voor de speciale concepten geldt ook dat extra groeiruimte weer wordt ingetrokken als de marktvraag wegvalt. Lees het hele artikel in magazine Agrarische Schouw: https://issuu.com/langs-de-melkweg/docs/weblink_volledig

Hoe maken we het onszelf moeilijk.

Ik heb de reactie van LTO bestuurder, Jos Verstraten, gekopieerd om zo een nieuwe topic te maken. Ik vind het jammer dat Co nu pas ingrijpt. Het Prikkebord begint een klaagbord te worden. Vooral LTO krijgt er van langs. Jos heeft, terecht, ook zijn grenzen. Hopelijk leren we hiervan en kan het Prikkebord weer een "fatsoenlijke"site worden. Waar je veel nieuwtjes opdoet en leert van elkaars ervaringen. P.S: Co, je moet uiteenlopende meningen hebben voor een goede discussie. Ik zou daarom niet te snel prikkers verwijderen. Vooral het grof taalgebruik en veelvuldig oud zeer opnieuw plaatsen, irriteert mij(en ik denk vele prikkers/lezers) mateloos. Goed dat je ingrijpt. [quote][@josl]@BoerBart ligt eraan wat je onder actualisatie verstaat. De normen gelden telkens voor 3 jaar. De tabel 2015( en 16 en 17) is eind 14 vastgesteld en gebaseerd op ik meen de jaren 11-12-13. Hadden we voor 2018 geactualiseerd dan was het beruchte fosfaat jaar 2014 erin gekomen, het jaar dat de werkelijke excretie bóven de tabel uitsteeg en je dus een bijstelling naar boven zou krijgen. En dát zou dan weer betekenen dat je extra moet korten. Vandaar dat eind 17 is gekozen om de tabel dus niet te actualiseren. Aangezien ik constateer dat het merendeel van van de prikkers geen LTO lid is ( en dat snap ik wel want die moeten hun grieven ook ergens kwijt) en menigeen er meerwaarde in ziet om LTOérs of LTO bestuurders af te zeiken ( dan word het vast beter) en ik al helemaal geen zin heb om dat voortdurend te lezen gaat voor mij 'Prikkebord' dicht. Leden die graag aanvullend op Nieuwe Oogst of de wekelijkse nieuwsbrief informatie hebben of vragen kunnen zich bij mij of mijn lto collega's melden.[/quote]

fosfaatproductie in de melkveehouderij gedaald tot 86,6 miljoen kg in 2017

De hoeveelheid fosfaat in dierlijke mest is gedaald van 175,2 miljoen kg in 2016 tot 169,0 miljoen kg in 2017. De fosfaatproductie ligt hiermee weer onder het door de Europese Unie vastgestelde plafond van 172,9 miljoen kg. De uitscheiding van stikstof nam licht toe van 504,3 tot 512,0 miljoen kg. De daling van de fosfaatproductie in 2017 ten opzichte van 2016 komt grotendeels door de maatregelen van het Fosfaatreductiepakket 2017. Het Fosfaatreductiepakket bestond uit drie op de melkveehouderij gerichte maatregelen, te weten: verlaging van het fosforgehalte van mengvoer, een subsidieregeling voor melkveehouders die hun bedrijf beëindigen en een ministeriële regeling om het aantal grootvee-eenheden te verminderen. Tussen 1 januari en 31 december 2017 nam het aantal melkkoeien af met ruim 130 duizend stuks (8 procent). Het aantal kalveren, pinken en vaarzen in de melkveehouderij daalde met ruim 150 duizend stuks (12 procent). Door deze dalingen in de loop van het jaar is het aantal runderen op de peildatum 1 april van de landbouwtelling niet representatief voor de gemiddelde omvang van de rundveestapel in 2017. Voor de berekening van de mestproductie en mineralenuitscheiding is daarom niet het aantal runderen in de landbouwtelling gebruikt maar een gecorrigeerd aantal op basis van maandelijkse tellingen van de rundveestapel met het Identificatie en Registratiesysteem voor rundvee (I&R-rundvee). Mede door de maatregelen van het Fosfaatreductiepakket daalde de fosfaatproductie in de melkveehouderij van 89,5 miljoen kg in 2016 tot 86,6 miljoen kg in 2017.

Antwoord op fosfaatvragen, maar niet van het ministerie

De beschrijving hieronder had ik ook in een ander topic gezet, maar ik dacht ik maak er maar een nieuwe topic van. Ok hier wat beloofde cijfers. De cola en de chips zullen jullie misschien al op hebben, maar ik was druk Eerst even naar de bron waar de chaos ontstond. Juli 2017 kwam de discussie over de berekening van het kortingspercentage. Zoals ik hier vaak aangeven heb, was het P plafond 2002, 84,9 miljoen kg op basis van cbs cijfers. Cbs kijkt naar type bedrijf en welke dieren daar staan. Dus de 84,9 was opgebouwd uit alleen melkvee gerelateerde fosfaat. Op 2 juli 2015 is door overheid gekozen voor Cdm cijfers (commissie deskundige meststoffen, dit omdat cbs alleen 1 april en 1 december peilt denk ik). Dit zijn cijfers gebaseerd op I en R. Code 100, 101 en 102 worden gebruikt om de forfaitaire fosfaatproductie uit te berekenen. Alleen I en R kijkt niet waar de dieren staan. Hier ontstond het probleem. 101 en 102 stonden niet alleen op melkvee gerelateerde bedrijven maar ook op vleesvee bedrijven. Uit mijn berekeningen vertegenwoordigde het vleesvee deel 2,1 miljoen kg. Maar die horen niet thuis in het melkveefosfaatplafond en zaten daar ook niet bij in (werd toen niet toegegeven, immiddels wel door de ambtenaren, maar ligt zeer gevoelig) Gevolg toen ik dit aan kaarten, onenigheid en de achterdeur ging open, de rest kennen jullie. Goed, de kar rijd en op 1 januari 2018 de beschikkingen rond gestuurd. Ook naar mensen die daar geen recht op hadden conform de definitie van het P plafond 2002. Ook heeft men dieren rechten gegeven die niet binnen de voorwaarden vielen. Tot nu toe niets nieuws, alleen dat de ambtenaren mij nu gelijk gegeven hebben en toen niet. En dat gaat nu opbreken. Nu wat info wat ik eigenlijk niet mag delen, maar ze hebben tijd zat gehad om te communiceren en dat verzaken ze. Er is voor 85,8 miljoen kg fosfaatrechten uitgedeeld. Te veel. Logisch want verkeerde bedrijven en verkeerde dieren hebben rechten gekregen. Zolang we boven de 84,9 zitten geld de staatssteun toets. Dus alle oplossingen die geweld doen aan het verlagen van het aantal rechten tot onder het plafond, zoals lease zonder korting, bezwaarschriften afhandelen, knelgevallen enz, hebben geen kans van slagen zolang we er niet onder zitten met de uitgedeelde rechten. De vleesveehouders zouden vrijstelling kunnen krijgen in ruil voor inleveren fosfaatrechten. Maar de trein rijdt al 9 maanden, er is handel gedaan enz, en vleesveehouders hebben een bak met geld gekregen, dus die staan niet te poppelen om ze in te leveren. Grote fout is dat ze nooit een beschikking hadden mogen hebben, want ze vielen iet onder de definitie. Maar ook door het voorgaande klopt de berekening van het kortingspercentage niet meer. Valt lager uit. Dit heeft gevolgen voor mensen die voor het bankje komen te staan volgend jaar omdat ze bijv 1 % er overheen gegaan zijn. Anticipeer hier niet op, want ik zet niemand aan tot fraude. Houd je aan de geldende wet (sorry, maar anders krijg ik problemen). Dus door de fout wordt het gehele systeem geblokkeerd. Dan de grootste klapper. Voortschrijdend eerste half jaar 80.7 miljoen kg productie, klopt totaal niet met de uitgegeven rechten, maar dit is weer cbs cijfers. Waarschijnlijk zit vleesvee hier weer niet bij in. En een verklaring is veel stoppers. En dan komen we door het beleid omtrent derogatie boven de N plafond. Vorig jaar een klein beetje en eerste half jaar 2018 een beetje meer. Aan het hier voorgaande kunnen geen rechten verleend worden, en ik vertrouw er op dat een van jullie bij mij komt melken als het fout afloopt.

FrieslandCampina schroeft in België de eisen voor melkleveringen op

In Nederland verruilen meer dan 220 melkveehouders FrieslandCampina voor een andere afnemer. Onvrede over het beleid van de zuivelverwerker is er niet enkel in Nederland maar ook in eigen land. Hier zijn er 380 melkveehouders die trouw hun melk leveren aan FrieslandCampina hoewel de meesten geen lid zijn van de coöperatie. Drie jaar geleden waren het er nog meer dan dubbel zoveel, maar toen zijn in één klap 443 producenten aan de deur gezet. Nu moet niemand vertrekken, maar ligt er een te nemen of te laten contractvoorstel op tafel. Vooral voor de melkveebedrijven die vandaag geen weidegang toepassen of geen melk van AA-kwaliteit leveren, is het contract een zware dobber. Blijven of vertrekken, da’s de vraag, en ze komt op een moment dat er behalve Milcobel geen kopers op de markt zijn voor extra melk.

robbies


Foto's
0
Video's
0
Topics
0
Reacties
0
Stemmen
1.106
Volgers

Over mij

Leeftijd: onbekend
Laatst op Boeren.nu: 2mnd geleden
Laatst op Prikkebord: 46min geleden
Laatst op TractorFan: 2wk geleden

Bedrijven

Ervaring

Ik heb ervaring met de volgende machines:

Merk / type Waardering